• Specialistisch onderzoek

  • Erkende archeologen

  • Verstand van zaken

  • Vlakdekkende opgraving

  • Effectieve samenwerking

  • Diepgaand onderzoek

  • Restauratie en conservering

  • Uitgebreide ervaring

Copyright 2017 - Vlaams Erfgoed Centrum

Veiligheid en risicobeheersing

Certificering

Zowel de veldmedewerkers van VEC als medewerkers van ADC ArcheoProjecten zijn VCA VOL gecertificeerd (Veiligheid voor Operationeel Leidinggevenden) en enkelen zijn in het bezit van een certificaat DLP (Deskundig Leidinggevende Projecten inzake het werken met vervuilde grond). Ook zijn alle veldmedewerkers medisch geschikt verklaard voor het werken in vervuilde grond en hebben een BHV diploma (Basis Hulp Verlening).

Bij archeologisch onderzoek worden met enige regelmaat resten uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog aangetroffen. In België heeft het VEC onderzoek uitgevoerd op locaties waarbij één of beide Wereldoorlogen specifiek tot de onderzoeksdoelen behoren (zie bijvoorbeeld project Riemst Vroenhoven). Alle medewerkers van het VEC zijn in het bezit van een certificaat Basiskennis OCE (Opsporing Conventionele Explosieven) en daarmee goed voorbereid op het werken in gebieden waar mogelijk conventionele explosieven kunnen worden aangetroffen en zijn zich bewust van de veiligheidsaspecten in relatie tot het werken in deze gebieden.

Eventuele veiligheidsmaatregelen zullen worden genomen conform een V&G-plan.

Voorkomen van schade

Bij onderzoeken met een hoge archeologische waarde zal de toegang tot het opgravingsterrein buiten werktijd zo worden afgezet dat betreding niet mogelijk is. Daarnaast zal het opgravingsmateriaal dermate deugdelijk worden afgesloten dat beschadiging of vernieling zeer beperkt mogelijk is. Tevens zullen vondsten niet onbeheerd worden achtergelaten. Bij grotere onderzoeken kan het tevens zo zijn dat middels een positief contact met direct omwonenden er daarnaast een sociale bewaking vanuit de buurt kan ontstaan.

Omgevingshinder

Het kan tijdens de uitvoer van een archeologisch onderzoek voorkomen dat de directe aanwoners van het onderzoeksgebied onvoldoende of te laat worden geïnformeerd over de aard of voortgang van de werkzaamheden en dat hierdoor persoonlijke hinder kan worden ondervonden. Afhankelijk van de locatie, duur en het type archeologisch onderzoek kan deze hinder serieuze langdurige vormen aannemen.

Dit kan preventief worden ondervangen door ruim voor de start van de veldwerkzaamheden voor de aanwonenden een voorlichtingsavond te organiseren over de aard van de werkzaamheden, het proces en mogelijke hinder. Daarbij krijgen zij ook inzicht in wat het onderzoek inhoudt en hoe zij op de hoogte kunnen worden gehouden door tussentijdse berichtgeving middels flyers. Een groot voordeel van deze wijze van handelen is dat de bewoners worden voorgelicht en gehoord over het proces en alle partijen hierdoor meer begrip krijgen voor elkaars activiteiten en standpunten.

U bent hier:

f m